Nieuwsbericht

‘Deze nieuwe minor onderstreept de comeback van het opbouwwerk’

5 oktober 2023 | 3 minuten lezen

Ineens hebben overheden weer oog voor Nederlanders die misschien wel in een gaaf land wonen, maar niet in een gave buurt. Deels omdat overheden ook hen moeten zien te bereiken om maatschappelijke problemen als de energietransitie en de vergrijzing goed aan te pakken. En dus is ook het opbouwwerk weer in beeld. Probleem: er zijn veel te weinig opbouwwerkers om in de stijgende vraag te voorzien. En er is ook nog maar een handjevol opleidingsplekken. Vandaar de ontwikkeling van een nieuwe, landelijke minor Opbouwwerk, die in het najaar van 2025 moet starten.

Dat de individualisering in Nederland is doorgeschoten is al bijna een open deur, stelt Edwin Luttik, senior adviseur bij Sociaal Werk Nederland. "Zeker sinds de toeslagenaffaire beseffen veel beleidsmakers dat de overheid de lat van eigen verantwoordelijkheid voor veel burgers te hoog heeft gelegd. Ze redden het niet op eigen houtje, om wat voor reden dan ook. Om hun wantrouwen in instanties weg te nemen en hen er weer bij te halen, heb je professionals nodig die hun taal spreken en hun leefwereld begrijpen. Opbouwwerkers dus."

Te weinig opleidingsplaatsen voor opbouwwerkers
Maar ook sociaalwerkorganisaties kampen met personeelsgebrek. Edwin Luttik: "Zeker als het gaat om opbouwwerkers. Want omdat het opbouwwerk sinds de jaren negentig grotendeels is wegbezuinigd, is ook het aantal opleidingen voor opbouwwerkers fors gekrompen." Tijd voor actie dus. En het goede nieuws: er is al een actie-agenda. "Samen met de BPSW (Beroepsvereniging voor Professionals in het Sociaal Werk), Krachtproef (netwerk van opbouwwerkers) en kennisinstituut Movisie hebben we de Landelijke Actieagenda de Kracht van Samenlevingsopbouw opgesteld. Met als agendapunten onder meer het opstellen van een visiedocument over samenlevingsopbouw anno 2023, maar ook het opzetten van een minor Opbouwwerk."

Beoogd resultaat: verdubbeling van het aantal opbouwwerkers
Sociaal Werk Nederland gaf Hans Timmerman, zelfstandig expert Duurzame Ontwikkeling, de opdracht om een verkennend onderzoek te doen naar de behoefte aan z’n minor én naar het huidige opleidingsaanbod. "Bij ruim tien procent van het aantal vacatures in het sociaal werk gaat het om opbouwwerk. We gaan ervan uit dat het huidige aantal van pakweg duizend opbouwwerkers de komende jaren moet verdubbelen. Dat wordt een hele kluif. Vandaar dat we de nieuwe minor niet alleen willen openstellen voor jonge studenten, maar ook voor zij-instromers en ervaren beroepskrachten."

Het huidige aantal van pakweg duizend opbouwwerkers moet de komende jaren verdubbelen

Gevraagd: opbouwwerkers met oude en nieuwe bagage
De kern van het vak staat na al die jaren nog fier overeind. Edwin Luttik: "Opbouwwerkers zijn en blijven op buurtniveau de verbindende schakels tussen bewoners en instanties. Maar we mikken nu natuurlijk op een minor die aansluit bij de actuele ontwikkelingen in het sociaal domein, die zich baseert op de jongste (wetenschappelijke) kennis in dit vakgebied én die onderwijst in de vigerende aanpakken en methoden in de huidige opbouwwerkpraktijk."

Leereenheden voor een curriculum op maat
De nieuwe minor Opbouwwerk werkt straks met 'leereenheden'. Hans Timmerman: "Binnen zorg en welzijn is dat al succesvol gebleken. Dan bepaal je eerst voor welke specifieke (kern)taken en werkprocessen de beroepskrachten in de praktijk moeten worden toegerust. Daarvoor kun je in dit geval putten uit zowel het beroepscompetentieprofiel voor de Sociaal Werker uit 2018 als het competentieprofiel voor de opbouwwerker uit 2010. Dan krijg je dus een mix van oude en nieuwe competenties die je vervolgens vertaalt naar leerresultaten. En wel zodanig dat je ze 'leerwegonafhankelijk' kunt toetsen, zodat je zowel jonge studenten als ervaren krachten en zij-instromers maatwerk kunt bieden; per persoon kun je nagaan welke competenties iemand al heeft en dus niet meer hoeft aan te leren. Dat maakt de minor efficiënter en dus ook aantrekkelijker."

Interesse bij hogescholen en sociaalwerkorganisaties
Tijdens het verkennende onderzoek bleek dat de nieuwe minor op brede steun kan rekenen. Hans Timmerman: "Verschillende hogescholen hebben er inderdaad behoefte aan en omarmen de plannen. Daarom willen we vaart maken en we mikken erop dat we al volgend jaar september met drie à vijf pilots kunnen starten. Daar kunnen de eerste leereenheden worden getoetst in de dagelijkse praktijk van het opbouwwerk. Van diverse sociaalwerkorganisaties heb ik al gehoord dat ze daar graag aan willen meedoen."

Binnenkort bij u in de buurt: de comeback van het opbouwwerk
En het geld? Edwin Luttik: "We hebben een plan uitgewerkt, besproken en inmiddels ingediend bij het ministerie van VWS. De voortekenen zijn gunstig en we verwachten daarom snel met pilots aan de slag te kunnen. En je ziet Den Haag bijdraaien: in bijna alle partijprogramma’s gaat het nu over 'bestaanszekerheid'. Om die voor iedereen te garanderen, heb je in iedere wijk voorzieningen nodig waar bewoners terecht kunnen met vragen en problemen. En zeker ook professionals die mensen stimuleren om hun stem te laten horen en zeggenschap te krijgen over hun directe leefomgeving."

Belangstelling?
We hebben al veel belangstellenden voor de pilots. Wil je zelf deelnemers opleiden en begeleiden in een pilot binnen het project, meld je dan bij Hans Timmerman (projectleider), dan gaan we in gesprek.

Neem voor meer informatie contact op met senior adviseur
Edwin Luttik.

Lees ook: Visiedocument zet belang samenlevingsopbouw op de kaart (9 oktober 2023)