Themaoverzicht

Sociale Basis & Preventie

Hoofdthema's

Sociaal werk in de wijken en buurten wordt steeds belangrijker. Door de decentralisaties in het sociaal domein (AWBZ, jeugd en participatie) zijn verantwoordelijkheden en financiën van het Rijk naar de gemeenten gegaan. Dat betekent: grote veranderingen! Transformatie!

80% van de demente ouderen woont nu nog zelfstandig thuis. Ggz-cliënten komen in de wijken wonen. Maar ook licht verstandelijk gehandicapten. In de buurt moeten zij dus goede, laagdrempelige ondersteuning kunnen vinden om hun welzijn op peil te houden.

Voor een Sterke Sociale Basis is samenwerking cruciaal: tussen sociaal werkers, andere sociale en medische professionals, vrijwilligers, gemeente en bewoners. Want ondertusen gaan ook de gewone problemen door: armoede en schulden, huiselijk geweld, opvoedingsproblemen, echtsheidingen, vereenzaming. Veel statushouders moeten integreren.

Sociaal werkers werken nu meer samen met bewoners, in wijkteams, met vrijwilligers en ervaringsdeskundigen. De sociale basis maken we samen. Professionals, gemeente, bewoners.

Het stelsel is al in 2007 veranderd (transitie) met de introductie van de Wmo. De inhoudelijke veranderingen in werkprocessen zijn nog in volle gang (De Kanteling en Welzijn Nieuwe Stijl). Het is belangrijk om na de transitie onverminderd door te gaan met die transformatie.

Nieuwsbericht

Met je sport- en beweegactiviteit zichtbaar zijn in de buurt?

Op 8 september 2020 geplaatst door

Nederlanders zijn steeds minder op de hoogte van het actief zijn van sport- en beweegactiviteiten in hun buurt. Wanneer ze er wel bekend mee zijn, nemen ze in de loop van de jaren vaker deel aan die activiteiten. Ze weten dat de activiteiten in de buurt georganiseerd worden door sportaanbieders, organisaties in de gemeente (zoals een buurthuis of een school), buurtgenoten en de speciale sport- en beweegfunctionaris. 25 procent van de bevolking weet van deze sport- en beweegfunctionarissen (meestal onder de naam buurtsportcoaches), die activiteiten in de buurt organiseren. Dit blijkt uit een peiling via het Nationaal Sportonderzoek (NSO) onder Nederlanders van 16 tot 80 jaar, uitgezet in opdracht van het Mulier Instituut met steun van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS).

Andere belangrijke bevindingen uit de peiling zijn:

  • De onbekendheid met sport- en beweegactiviteiten in de buurt is toegenomen van 31 procent in 2014 tot 38 procent in 2020.
  • Wandelingen (30%), fietstochten (19%) en hardloopevenementen (17%) zijn net als in 2014, 2016 en 2018 de meest bekende activiteiten.
  • 60 procent van de kinderen en 42 procent van de volwassenen die de sport- en beweegactiviteiten in de buurt kennen, neemt daaraan deel.
  • 39 procent van de Nederlanders is (zeer) tevreden over de mogelijkheden om aan sport- en beweegactiviteiten in de buurt deel te nemen. De tevredenheid met het aanbod in de buurt neemt sinds 2014 af (2018: 44%, 2016: 48% en 2014: 51%).
  • 44 procent van de volwassenen en 62 procent van de kinderen (volgens hun ouders) geeft aan dat hun sportgedrag in de buurt in de coronatijd is veranderd.
  • Op de vraag of men één of meer speciale functionarissen kent die in hun buurt of dorp sport- en beweegactiviteiten organiseren of stimuleren, heeft een kwart (25%) van deze functie gehoord. Ruim een derde (39%) weet het niet en nog eens een derde (36%) heeft nog nooit van deze functie gehoord.
  • Bijna de helft (47%) van de Nederlanders die bekend zijn met de sport- en beweegfunctionaris(sen), ziet de inzet van deze functionaris terug in activiteiten en evenementen.

Klik hier voor de factsheet ‘Sport en Bewegen in de Buurt (2020)’.

Neem voor meer informatie contact op met Eva Heijnen.

Om te reageren dien je eerst in te loggen.

Heb je nog geen profiel? Registreer dan eerst om een nieuw profiel aan te maken.
Ik wil delen
Home
Corona
Over ons
Sociaal werk in beeld
Thema's
Voor leden
Onze leden in kaartLid wordenContact Inloggen
Ik wil delen:
Sluiten