Nieuwsbericht

Haags Vadercentrum krijgt opnieuw koninklijke complimenten

19 februari 2021 | 6 minuten lezen

Koning Willem-Alexander was er onlangs voor de tweede keer in zijn loopbaan op bezoek: het Vadercentrum in het Haagse stadsdeel Laak. ‘Hij herinnerde zich nog precies met wie hij de vorige keer had gesproken en wat we toen allemaal deden,’ aldus coördinator Bilal Sahin. ‘Bij het afscheid overlaadde hij ons met complimenten, zoals “wat zijn jullie gegroeid, wat doen jullie nuttig werk, wat een enthousiasme”.’

Het hoge bezoek heeft bovendien veel aandacht gekregen, zeker in de lokale pers; en daardoor ook bij buurtbewoners, andere organisaties en politici, aldus Bilal.
Maar hoe is het eigenlijk allemaal begonnen? En wat zijn de belangrijkste opbrengsten? Bilal vertelt.

Het Vadercentrum is ontstaan omdat we twintig jaar geleden zagen dat vaders in de wijk wel degelijk behoefte hadden om zich te ontwikkelen. Het heersende beeld was namelijk: mannen hebben niks nodig, die zijn sterk, die redden zich wel. Maar dat gold zeker niet voor álle mannen. Daarom hebben we allerlei activiteiten opgezet. “Mannenemancipatie” heette dat toen. Dat bleek een schot in de roos: inmiddels hebben we 150 vrijwilligers.’

‘We hebben vijf projecten in het centrum: de weggeefwinkel, het klusteam, het repaircafé, de Buurtvaders en sinds december vorig jaar een uitgiftepunt van de voedselbank. Daarnaast hebben we normaliter 20 cursussen, variërend van timmeren tot kleermaken, en van Nederlandse les tot computeren. En ze zitten altijd vol, we hebben overal wachtlijsten. Bovendien hebben we wekelijks een Dialoogbijeenkomst met gemiddeld 100 personen, inclusief een maaltijd. Over thema’s als radicalisering, religie, seksuele diversiteit, verslaving. Gevoelige onderwerpen voor gewone wijkbewoners, maar het resulteert erin dat ze beter naar elkaar luisteren, meer van elkaar begrijpen en harmonieuzer samenleven. Het Laakkwartier is geen achterstandswijk meer.’

Wat is dan het recept van jullie toverdrank?
‘Heel simpel! Ieder mens is uniek en ergens goed in. Dus iedereen die hier binnenkomt kan ons en de maatschappij ergens bij helpen. Laag- of hoogopgeleid: dat maakt niet uit. We zetten alle nieuwkomers in op een plek waar ze tot hun recht komen. In de winkel, de werkplaats, in de keuken. Met al die mensen bij elkaar ontstaat er daardoor een enorme energie om te groeien. Ieder voor zich én met elkaar. En ik zeg altijd: “Ik stuur niet 150 vrijwilligers aan, maar ik werk voor 150 vrijwilligers”.’
‘Punt twee: er is geen hiërarchie. Er zijn verschillende afdelingen, maar we zorgen dat er nergens bazen zijn. Mijn taak is vooral om steeds de touwtjes aan elkaar knopen. Mensen met elkaar in contact brengen. Niet door te vergaderen, maar door samen iets te dóén.’

Was dat laatste een uitgangspunt of is dat gaandeweg ontstaan?
‘Een uitgangspunt. Waarom? Als je ergens een baas of een hoofdverantwoordelijke neerzet, werken de anderen voor hem. Wij maken iedereen verantwoordelijk en iedereen doet dan ook zijn best. En als het mis dreigt te gaan hebben we trucjes achter de hand. Broederschap benadrukken of het maatschappelijke doel. We gaan altijd uit van overeenkomsten, niet van verschillen.’

__________________________________________________________________________________________________________________________________              

Ook Xtra-bestuurder Eric Lemstra sprak tijdens het werkbezoek kort met Koning Willem-Alexander: ‘De koning was onder meer geïnteresseerd in de combinatie van vrijwilligers en professionals en in de gevolgen van corona voor juist onze doelgroepen. Ook hij maakt zich daar zorgen over. Met name over de jongeren die hun toekomstperspectief zien verschralen en zelfs verdampen. En hij maakt zich ook druk over thema’s als discriminatie en inclusiviteit. Hij sprak zijn bewondering uit voor het maatwerk dat sociaal werk in deze moeilijke tijden levert. Andersom heb ik hem meegegeven dat die problemen niet als vanzelf zijn opgelost als straks iedereen is gevaccineerd. Dit is hét moment om te investeren in sociaal werk en niet om te bezuinigen.’
___________________________________________________________________________________________________________________________________

Helpen jullie mensen ook bij individuele problemen?
‘Absoluut. Met het invullen van formulieren, onderdak vinden na een scheiding, noem maar op. Die mensen koppelen we aan een vrijwilliger die zelf ervaringen heeft op dat gebied. Pas als dat niet lukt verwijzen we iemand door naar bijvoorbeeld de maatschappelijk werkers van Xtra of het loket geldzaken van de gemeente. In die zin hebben we een signaleringsfunctie.’

Trainen jullie je vrijwilligers daarvoor?
‘Ja. Minimaal één keer per jaar organiseren we een trainingsweekend voor ongeveer vijftig vrijwilligers, vooral voor de nieuwe. Dat doen we al vijftien jaar, meestal in een Stayokay. Daar doen we aan kennismaking, teambuilding, taakverdeling en dergelijke. Op een speelse manier, want er zijn relatief veel ouderen en analfabeten bij. We verdelen ze bijvoorbeeld over vijf boten en dan krijgen ze de opdracht: maak een foto van konijnen op het Konijneneiland, daarginds in het meer. ‘s Avonds evalueren we hoe de rolverdeling in de boten was, hoe die tot stand kwam en of iedereen daarmee tevreden was. Dat is altijd heel leerzaam.’

Zijn je inzichten over het werk erg veranderd in de afgelopen twintig jaar?
‘Mijn werkwijze is nog steeds: “duwtje in de rug, volgende aan de beurt”. Oftewel: mensen komen bij ons binnen, krijgen een plek en groeien door. Sommigen vinden dankzij hun nieuwe vaardigheden weer een nieuwe baan, of ze gaan een aanvullende opleiding doen. Belangrijk: als iemand weggaat zijn we niet weemoedig, maar applaudisseren we voor die persoon. Dan daarna hebben we weer ruimte voor de volgende. Zo gaat dat.’

Inmiddels zijn er ook vrouwelijke vrijwilligers. Hoe is dat gegaan?
‘Zo’n tien jaar geleden wilden vrouwen ook graag cursussen volgen en activiteiten doen. Daar hebben ze stevig op aangedrongen en daar hebben we gehoor aan gegeven. We hebben nog steeds activiteiten die alleen voor mannen zijn, maar ook steeds meer gemengde groepen. Tegenwoordig bestaat de helft van onze bezoekers uit vrouwen. En de vrouwen zijn ook heel enthousiast en gretig, zeker in vergelijking tot mannen. Die moet je vaak opporren en nabellen. “Waar blijf je nou?” Daarom zijn er in Nederland ook maar weinig mannenprojecten, ze zijn lastig in beweging te krijgen. Waarom het ons wel lukt? Mond-tot-mondreclame. Mannen aanmoedigen om hun buurman, vriend of neef mee te nemen.’

En hoe zit het financieel? Kunnen jullie rondkomen?
‘Ik ben bij welzijnsorganisatie Xtra in dienst als sociaal-cultureel werker/coördinator. Daarnaast hebben we tien jaar geleden zelf de stichting Haagse Vaders opgericht. Daardoor hebben we kortere lijnen. Sommige subsidieaanvragen doen we vanuit die stichting, met een vrijwillige penningmeester. Dat werkt goed.’

Uit recente onderzoeken blijkt dat bewoners van zwakkere wijken steeds wantrouwiger zijn jegens de overheid en instanties. Merken jullie dat ook?
‘Wij werken heel veel samen met overheidsinstanties, zoals de gemeente, politie, zorginstellingen. Op die manier brengen we onze bezoekers met hen in contact. En we hebben 24 buurtvaders. Die gaan de straat op en spreken jongeren aan, zodat ze meer respect tonen voor de politie. Dat helpt om meer onderling begrip te kweken.’

Dus hoe actiever de vaders des te kleiner het gevaar dat de zoons ontsporen?
‘Volgens mij wel.’

En zoons?
‘Kinderen nemen hun ouders als voorbeeld. Als hun ouders bijvoorbeeld in het Vadercentrum iets voor de maatschappij komen doen of een cursus volgen, dan krijgen hun kinderen dat mee. We hebben trouwens ook activiteiten voor kinderen en jongeren, zoals bijlessen voor scholieren van het voortgezet onderwijs, van 12-18 jaar. We hebben daarvoor acht begeleiders, onder wie twee wethouders. En het gaat niet alleen om schoolvakken als Wiskunde en Geschiedenis, maar ook over mentale processen. Zoals faalangst, of leren plannen.

En hoe gaat het in coronatijd?
‘We zijn nog geen dag dicht geweest! We doen aangepaste activiteiten, dus met inachtneming van alle regels. Het bezoek van de koning was dus ook helemaal virusproof. Maar de voordeur is op slot; we laten per activiteit maximaal dertig mensen toe. De weggeefwinkel is open op afspraak. En verder hebben we telefooncirkels opgezet voor onderling contact.’

____________________________________________________________________________________________________________________________________

‘Hier in Den Haag zijn de belangstelling en de waardering voor wat welzijn allemaal doet tijdens de corona sowieso flink gestegen. Het bezoek van de koning bevestigt dat eens te meer, en het bleek bovendien uit de reactie van wethouder Martijn Balster, die ook bij het werkbezoek was. Hij organiseert regelmatig digitale werkbezoeken voor Haagse gemeenteraadsleden bij onze sociaal werkers. Bovendien heeft zelf  tweewekelijks een gesprek met onze sociaal werkers, zonder mij erbij. Hij ziet echt de betekenis van ons werk en weet die goed over te brengen bij de andere politieke partijen. Van links tot rechts: het hele spectrum is lovend.’ (Eric Lemstra)
____________________________________________________________________________________________________________________________________

Staan er al nieuwe projecten op stapel?
‘Nu nog niet, maar na corona zullen die zeker komen. Want ik geloof in één ding: geef mensen geen vis en ook geen hengel, maar leer ze vissen! En daarvoor hebben we in die twintig jaar een stevig fundament gelegd. Zodra zich iets aandient kunnen we aanhaken en onze vrijwilligers inschakelen. Resto VanHarte is hier ook begonnen.’

‘Los daarvan duurt het allemaal wel lang met alle coronamaatregelen. Dat hoor ik overal om me heen. Daarom heb ik net nog een suggestie gedaan aan de wethouder. “We zetten de hele maatschappij in quarantaine, maar is het niet handiger om alleen ouderen en zwakkeren af te zonderen?” Dat signaal doorgeven, dat vind ik ook een functie van het vadercentrum.’

Lid wordenContact