Nieuwsbericht

Ook bestuurders en toezichthouders moeten professionaliseren

22 november 2016 | 3 minuten lezen

‘De roep om het toezicht op het sociaal werk te professionaliseren werd steeds luider in de branche,’ aldus beleidsadviseur Marije van der Meij van Sociaal Werk Nederland. ‘Allereerst vanwege de decentralisaties. Daardoor krijgen onze leden immers een andere rol, met andere verantwoordelijkheden. Als een sociaal werker gedetacheerd is bij een gemeente, wie doet dan het toezicht? De gemeente, de sociaalwerkorganisatie, of doen ze het samen? En datzelfde geldt bij nauwe samenwerking met zorgpartijen. Hoe richt je dat in en hoe maak je het werkbaar?’

Mag een burgemeester in de raad van toezicht?
Overigens hebben nog niet alle sociaalwerkorganisaties hun toezicht op orde. Marije van der Meij: ‘Pas zeventig van de zeshonderd bij ons aangesloten organisaties hebben de huidige governancecode ondertekend. Daar moet je niet meteen alarmerende conclusies aan verbinden, maar het is wel opvallend laag. En ook nog lang niet alle organisaties hebben een raad van toezicht ingesteld.’
Dat de belangstelling voor governance wel degelijk groeit blijkt uit het toenemende aantal leden dat zich met vragen over toezicht meldt bij Sociaal Werk Nederland. Marije van der Meij: ‘Mogen we een burgemeester opnemen in onze raad van toezicht? Hoe zit het met de honorering? Hoe houden we zicht op onze mensen in wijkteams? Dat zijn relevante en vragen waarvoor je eigentijdse governancecode nodig hebt. Die biedt nog niet voor iedere situatie een pasklaar antwoord, maar geeft wel houvast voor een strategie.’

Nieuwe code is leesbaarder en gebruiksvriendelijker
Die nieuwe governancecode is er nu. Marije van der Meij: ‘De oude stamt uit 2008, dus de leden wilden sowieso een herziening. Om na te gaan of het juridisch allemaal nog klopt, maar vooral ook om verantwoord bestuur opnieuw te beschrijven én opnieuw te agenderen.’
Paul Kelder (Jurist bij Sociaal Werk Nederland) en Charlotte Koopman (advocaat en partner bij De Koning Vergouwen Advocaten) hebben de governancecode herschreven. Het grootste verschil? ‘De nieuwe versie focust op de principes van good governance en het belang van goed toezicht. Verder zitten er meer praktische handvatten bij de code.’ En nog een groot pluspunt: ‘Qua taal en toon is de nieuwe code een stuk leesbaarder.’

Deskundige sparringpartners
De begeleidende commissie Governance heeft al ingestemd met de nieuwe tekst. Op de komende ALV wordt die ter goedkeuring voorgelegd aan de leden van Sociaal Werk Nederland.
En dan? ‘Dan gaan we ermee de boer op. Iets als een nieuwe governancecode zal niet meteen “viral” gaan op internet, maar we proberen om nut en noodzaak ervan helder over het voetlicht te krijgen. Ook door directeuren erop aan te spreken. Zij hebben immers belang bij een goede raad van toezicht, dus wat doen ze er zelf aan om te zorgen dat het geen gezapige ouwe-jongens-krentenbroodclub is maar een divers samengestelde groep deskundige en gemotiveerde sparringpartners?’

Governance is sluitsteen van kwaliteitslabel
Feitelijk heeft Sociaal Werk Nederland als branchevereniging trouwens niet veel van doen met raden van toezicht. ‘Wij hebben geen direct contact met de toezichthouders, we communiceren vooral met hen via de directeuren van onze lidorganisaties. Maar het stimuleren van nadenken over toezicht is belangrijk voor de kwaliteit van de totale organisatie. Daarom is het een belangrijk onderdeel van ons nieuwe Kwaliteitslabel. Met goed toezicht creëer je een extra perspectief om te kijken naar je visie, missie en bedrijfsvoering en mogelijke verbeterpunten daarin.’
Daarnaast gaat het om actuele ethische kwesties. ‘Denk aan morele dilemma’s. Ga je voor het belang van je organisatie of het belang van het wérk, ongeacht wie het uitvoert? Daar moet je als toezichthouder over meedenken of zelfs debatten over initiëren. Dat kan niet enkel en alleen van de directie komen.’

Klankbord voor de hele organisatie
Vandaar ook dat er eerder al samen met de NVTZ (Nederlandse Vereniging van Toezichthouders in Zorg en Welzijn) vijf regiobijeenkomsten zijn gehouden voor leden van raden van toezicht. ‘Met als thema: hoe kun je je nu als toezichthouder dichter bij de organisatie opstellen? Dus minder als ruggensteun voor de directie en meer als klankbord voor alle lagen van de organisatie? Zij merkten zelf ook dat ze zich meer moesten professionaliseren. Als je van je medewerkers verwacht dat ze ieder jaar beter worden, dan kun je als bestuurders en toezichthouders immers niet achterblijven. Maar hoe pak je dat aan?’
Om dergelijke vragen te tackelen werkt de NVTZ met acht regioambassadeurs. Bovendien zijn er brancheambassadeurs die binnen een bepaalde sector nut en noodzaak van goed toezicht gaan uitdragen. Voor sociaal werk wordt dat Joger de Jong, ex-bestuurder van het Haagse Xtra. ‘Hij gaat trends, dilemma’s en weeffouten in de transformatie benoemen, zodat we als branche kunnen bekijken wat we daaraan kunnen doen.’
Een nadere kennismaking met Joger de Jong volgt binnenkort op deze website.

Alles liever dan sporten…
Als kersverse Rotterdammer laat Marije van der Meij het trouwens niet bij woorden. ‘Of ik zelf toezicht zou willen houden? Ik zit bij drie verschillende stichtingen in het bestuur, onder andere bij Tafel van Zeven. Die stichting verzorgt een leerwerktraject voor vrouwen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt. Dat sluit mooi aan bij mijn werk, maar ik zie het ook als een burgerplicht om dit soort dingen te doen naast werk. Het is ook écht leuk om te doen en het maakt een thema als governance minder abstract. En wat mij betreft: liever dit dan sporten!’

Lid wordenContact