Nieuwsbericht

Vliegende start project Armoede & Schulden

24 maart 2016 | 3 minuten lezen

Eind maart vindt de aftrap van het project Armoede en Schulden plaats in Roosendaal. Na deze eerste regiobijeenkomst in het kader van het project Armoede & Schulden in West-Brabant, volgen er nog 14 andere arbeidsmarktregio’s met vele bijeenkomsten. ‘De nood is hoog en ik ben blij dat we nu echt aan de slag gaan,’ aldus projectleider Jacqueline Beekman van Sociaal Werk Nederland (voorheen de MOgroep).

‘Wanneer ik tevreden ben? Als het ons inderdaad lukt om in die 15 regio’s duurzame samenwerking tot stand te brengen voor de effectieve aanpak van armoede. Dan gaat het vooral om het lokale bedrijfsleven, sociaal werk, gemeenten en vrijwilligers. En hopelijk mondt dat uit in dertig aansprekende voorbeeldprojecten.’

80% hulpvragen is gerelateerd aan armoede
Het is een ambitieuze opzet, dat erkent Jacqueline Beekman volmondig. ‘Maar met de lat laag leggen kom je er niet, we moeten nu echt iets aan armoede doen. Dat wordt ook bevestigd door de vierde voortgangsrapportage van de Transitiecommissie Sociaal Domein (TSD) waarin de schuldenproblematiek enorm komt bovendrijven. Evenals in recent onderzoek van Movisie dat meldt dat in ongeveer 80% van de vragen waarmee wijkteams worden geconfronteerd worden, schuldenproblematiek een rol speelt. En wat ze ook zeggen: 'Als je niet meteen met schulden aan de slag gaat, verergert de situatie snel.'

Dat is ook mijn ervaring en die van onze vele lidorganisaties en sociaal werkers die met hun voeten in de klei staan en de problematiek van armoede en schulden in hun takenpakket hebben. Het is ook zo belangrijk om problematische schulden te voorkómen. Het móet echt effectiever en efficiënter. De tijd is rijp. We moeten inventariseren, het goede behouden, maar anders schakelen en koppelen.’

Zonder moed kan het niet
Maar wat is er nodig voor een succesvolle lokale aanpak van schulden en armoede? ‘Moed! Moed om onder ogen te zien dat hoe het nu gaat onvoldoende zoden aan de dijk zet. Moed om zaken anders aan te pakken dan je gewend bent. Moed om je netwerk in te schakelen, om het voortouw te nemen, om buiten de gebaande wegen te treden. En moed om een keer te vallen en weer op te staan.’

Die moed wordt geoperationaliseerd tijdens de drie bijeenkomsten die Sociaal Werk Nederland per arbeidsmarktregio samen met lokale partners organiseert. ‘De eerste is voor bedrijfsleven, sociaal werk en gemeente. De tweede voor vrijwilligers, sociaal werk en gemeente. En de laatste is voor klantmanagers van sociale diensten en sociaal werkers.’

Vlottrekken en versterken
Voor de goede orde: het gaat niet om openbare bijeenkomsten. Per regio worden gericht potentiële partners bijeengebracht. Jacqueline Beekman: ‘Wil je spijkers met koppen slaan, dan moet je zorgen dat er iets concreets ligt waarmee mensen aan de slag kunnen. Daarom inventariseren we vooraf per regio waar het sociaal werk tegenaan loopt bij hun aanpak van armoede en schulden. Welke initiatieven zijn er al? Hoe kun je die vlottrekken of versterken? En welke partijen heb je daarvoor nodig?’

De kortetermijnbelangen voorbij
Dat het bedrijfsleven nadrukkelijk wordt betrokken heeft strategische én praktische redenen. ‘Ondernemers zijn gewend om in oplossingen te denken. Ze houden ervan om snel aan de slag te gaan, maar begrijpen ook dat je vaak eerst moet investeren om vooruitgang te kunnen boeken.’

Dat wil niet zeggen dat álle ondernemers meteen staan te trappelen om mee te doen. ‘Sommige wel, die zijn al heel ver in hun denken en doen. Andere hebben wat meer moeite om los te komen uit hun kortetermijnbelangen.’ Overigens hebben ook steeds meer bedrijven zelf te maken met armoede en schulden. ‘Vooral als hun werknemers in de schulden raken en ze geconfronteerd worden met loonbeslag.’

Ook Sociale Diensten aangehaakt
Een apart verhaal is nog de samenwerking van Sociaal Werk Nederland en Divosa. ‘Die krijgt per regio zijn beslag in de derde bijeenkomst, met klantmanagers van sociale diensten en sociaal werkers. En eigenlijk ligt dat partnerschap ontzettend voor de hand. Ze werken immers met dezelfde doelgroepen. Voor een integrale aanpak scheelt het enorm als beide partijen van elkaar weten wat ze doen. Pas dan kun je echt iets betekenen voor zowel de burgers om wie het gaat als voor de samenleving.

Zie de bijlagen of de kennisbank voor beschikbaar informatiemateriaal over de regiobijeenkomsten Moedige Mensen en de themapagina Armoede en Schulden.

Lid worden