Themaoverzicht

Sociale Basis & Preventie

Hoofdthema's

Sociaal werk in de wijken en buurten wordt steeds belangrijker. Door de decentralisaties in het sociaal domein (AWBZ, jeugd en participatie) zijn verantwoordelijkheden en financiën van het Rijk naar de gemeenten gegaan. Dat betekent: grote veranderingen! Transformatie!

80% van de demente ouderen woont nu nog zelfstandig thuis. Ggz-cliënten komen in de wijken wonen. Maar ook licht verstandelijk gehandicapten. In de buurt moeten zij dus goede, laagdrempelige ondersteuning kunnen vinden om hun welzijn op peil te houden.

Voor een Sterke Sociale Basis is samenwerking cruciaal: tussen sociaal werkers, andere sociale en medische professionals, vrijwilligers, gemeente en bewoners. Want ondertusen gaan ook de gewone problemen door: armoede en schulden, huiselijk geweld, opvoedingsproblemen, echtsheidingen, vereenzaming. Veel statushouders moeten integreren.

Sociaal werkers werken nu meer samen met bewoners, in wijkteams, met vrijwilligers en ervaringsdeskundigen. De sociale basis maken we samen. Professionals, gemeente, bewoners.

Het stelsel is al in 2007 veranderd (transitie) met de introductie van de Wmo. De inhoudelijke veranderingen in werkprocessen zijn nog in volle gang (De Kanteling en Welzijn Nieuwe Stijl). Het is belangrijk om na de transitie onverminderd door te gaan met die transformatie.

Nieuwsbericht

Onzekerheid financiën sociaal domein blijft

Op 4 december 2017 geplaatst door
Janina van der Zande

Gemeenten en de provinciaal financieel toezichthouders stellen dat er nog steeds onzekerheid bestaat over de uiteindelijke financiële effecten van de decentralisaties. Tegelijkertijd geeft een toenemend aantal gemeenten aan de ramingen van het sociaal domein steeds beter te kunnen onderbouwen.

Ervaringscijfers
‘Bij de meeste gemeenten is dit oordeel gebaseerd op een combinatie van ervaringscijfers, afgesloten contracten en historische kosten. Gemeenten werken hard aan de informatievoorziening en er komen steeds meer betrouwbare ervaringscijfers beschikbaar.’ Dat stelt het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) in zijn 'Overall rapportage sociaal domein 2016', dat is verschenen. Die is op verzoek van minister van Binnenlandse Zaken, coördinerend bewindspersoon voor de drie decentralisaties, opgesteld. ‘Het is gewenst om de ontwikkeling van de financiële situatie van gemeenten te blijven monitoren’, benadrukt het SCP.

Het financiele overzicht vindt u in dit rapport, Sociaal Domein tusen transitie en vernieuwing, met een landelijk beeld van de financiële situatie van gemeenten voor het sociaal domein in 2016, en een inkijk in verschillen tussen (typen) gemeenten en ontwikkelingen sinds 2015. De resultaten vormen een belangrijke onderlegger voor het financiële deel van de tweede Overall rapportage sociaal domein. 

Ophef
Het SCP waagt zich niet meer aan het noemen van overschotten en tekorten bij werk en inkomen en maatschappelijke ondersteuning en zorg. Daarover stond vorig jaar veel ophef. Gemeenten herkenden zich niet in de gepresenteerde overschotten en tekorten, die waren gebaseerd op CBS-cijfers. Het CBS stelde eind oktober vorig jaar dat gemeenten over 2015 1,2 miljard euro hadden overgehouden op hun budget voor de Wmo 2015 en de jeugdzorg, en een tekort van 400 miljoen euro op werk en inkomen. De toenmalig minister van Binnenlandse Zaken Ronald Plasterk erkende later dat dit bedrag niet klopte, maar is nooit met cijfers over het daadwerkelijke overschot dan wel tekort gekomen. In de tweede Overall rapportage sociaal domeinhaalt het SCP wel een berekening door het Cebeon aan, die uitkomt op een overschot van zo’n 500 miljoen euro over 2016. Dat bedrag is gebaseerd op het beeld dat de gemeenten zelf geven in hun jaarstukken over 2016.

Oplopende financiële druk
Het overschot wordt veelal gereserveerd voor het sociaal domein, stelt het SCP in zijn rapportage. De reserves sociaal domein van de gezamenlijke gemeenten bedragen nu 1,6 miljard euro; iets minder dan tien procent van de totale jaarlijkse uitgaven van het sociaal domein. ‘Gemeenten zeggen deze reserves nodig te hebben om de verwachte oplopende financiële druk het hoofd te bieden, om overlopende lasten naar volgende jaren te dekken en om de transformatie verder vorm te geven’, aldus het SCP.

Groei
In plaats van cijfers over gemeentelijke overschotten en tekorten heeft het SCP er dit keer voor gekozen om de financiële situatie van gemeenten in het sociaal domein inzichtelijk te maken door de groei van de gemeentelijke uitgaven in het sociaal domein te vergelijken met de groei van het gemeentefonds voor het sociaal domein. ‘De stijging in de uitgaven voor het totale sociaal domein in 2016 (230 miljoen euro) is net iets hoger dan de stijging in de middelen die via het gemeentefonds beschikbaar zijn gekomen (120 miljoen euro)’, aldus het SCP.

Verschillen groot
Sinds 2014 geven gemeenten meer uit aan werk en inkomen dan zij via het gemeentefonds krijgen. Dat verschil is in 2016 verder toegenomen. Gemeenten gaven vorig jaar 220 miljoen euro meer uit aan werk en inkomen dan in 2015, terwijl ze van het rijk 20 miljoen euro minder kregen. Bij maatschappelijke ondersteuning en jeugd lijkt de groei in de gemeentelijke uitgaven al enige tijd achter te blijven bij de groei van het gemeentefonds, maar dit verschil is in 2016 wel kleiner geworden. In 2016 gaven gemeenten 10 miljoen binnen het cluster maatschappelijke ondersteuning en jeugd meer uit dan in 2015 en kregen zij 150 miljoen meer aan middelen uit het gemeentefonds dan in 2015. De verschillen tussen gemeenten zijn echter groot, stelt het SCP. Een uitsplitsing per gemeenten is niet gemaakt.

Zie ook de analyse van Gemeente.Nu.

Bron: Binnenlands Bestuur, scp
Om te reageren dien je eerst in te loggen.

Heb je nog geen profiel? Registreer dan eerst om een nieuw profiel aan te maken.
Ik wil delen
Home
Corona
Over ons
Sociaal werk in beeld
Thema's
Voor leden
Onze leden in kaartLid wordenContact Inloggen
Ik wil delen:
Sluiten