Themaoverzicht

Sociale Basis & Preventie

Hoofdthema's

Sociaal werk in de wijken en buurten wordt steeds belangrijker. Door de decentralisaties in het sociaal domein (AWBZ, jeugd en participatie) zijn verantwoordelijkheden en financiën van het Rijk naar de gemeenten gegaan. Dat betekent: grote veranderingen! Transformatie!

80% van de demente ouderen woont nu nog zelfstandig thuis. Ggz-cliënten komen in de wijken wonen. Maar ook licht verstandelijk gehandicapten. In de buurt moeten zij dus goede, laagdrempelige ondersteuning kunnen vinden om hun welzijn op peil te houden.

Voor een Sterke Sociale Basis is samenwerking cruciaal: tussen sociaal werkers, andere sociale en medische professionals, vrijwilligers, gemeente en bewoners. Want ondertusen gaan ook de gewone problemen door: armoede en schulden, huiselijk geweld, opvoedingsproblemen, echtsheidingen, vereenzaming. Veel statushouders moeten integreren.

Sociaal werkers werken nu meer samen met bewoners, in wijkteams, met vrijwilligers en ervaringsdeskundigen. De sociale basis maken we samen. Professionals, gemeente, bewoners.

Het stelsel is al in 2007 veranderd (transitie) met de introductie van de Wmo. De inhoudelijke veranderingen in werkprocessen zijn nog in volle gang (De Kanteling en Welzijn Nieuwe Stijl). Het is belangrijk om na de transitie onverminderd door te gaan met die transformatie.

Blog

Jong ontbeerd, oud misdaan

“Sancties in het sociaal domein”, dat klinkt niet direct als een bijeenkomst waar je vrolijk vandaan komt. Toch was dat wel zo. Erg vrolijk zelfs.
We hebben die ledenbijeenkomst samen met het Ministerie van V&J georganiseerd. En wel hierom: te veel gestraften vallen in herhaling (58% van de jeugdigen, 48% van de volwassenen, en bovenmatig veel kortgestraften). Om dat nu eens anders aan te pakken gooit Justitie de luiken open. Met als leidraad: meer aandacht voor de levensloop van de overtreder. En gebruikmakend van de expertise van sociaal werkers, zorgprofessionals en gemeenten.

De aanwezige sociaal werkers popelden. Elke werkdag merken zij dat “het systeem” aanzet tot ontsporen. Een jongerenwerker: ‘Als je bepaalde jongeren geen taakstraf oplegt maar een boete, dan kun je op je vingers natellen dat ze ‘s nachts “weer het dak opgaan” om die boete te kunnen betalen.’ En ‘Als het jaren duurt voor iemand echt de straf moet ondergaan, dan helpt dat niet.’ En weer iemand: ‘Als er uiteindelijk geseponeerd wordt omdat de zaak al te lang loopt, dan baal ik verschrikkelijk.’
Hoezo soft, die jongerenwerkers? Hun pleidooi was eensgezind: jongeren die over de schreef gaan, moeten gestraft worden én die straf snel ondergaan. Tegelijkertijd moet je hen helpen aan een toekomstperspectief. Want voor deze jongeren geldt bij uitstek wat de WRR onlangs concludeerde: de lat van zelfredzaamheid ligt voor menige Nederlander op polsstokhoogte. Leg de lat dus lager of zorg voor goeie polsstokken.
Een illustratieve bijdrage kwam van een ex-gedetineerde die nu anderen ondersteunt en adviseert. Zijn grote klacht was dat er tijdens detentie veel te weinig aan arbeidstoeleiding gebeurt. ‘Je leert helemaal niets in de gevangenis, althans geen dingen om op het rechte pad te blijven.’
Overigens zit driekwart korter dan drie maanden vast. Wat hen nekt is vooral dat hun lopende onderwijs- en begeleidingsprogramma’s abrupt worden onderbroken door de detentie. ‘Laat jongeren hun taakstraf uitvoeren tijdens schoolvakanties,’ klonk het, dan hoeven ze geen lessen te missen. En haal sociaal werkers binnen de gevangenis, zodat zij de begeleiding kunnen voortzetten. Zeker bij schuldhulpverlening scheelt dat iedereen enorm veel ellende.’
Tot zover de achterkant. Ook aan de voorkant is er een belangrijke rol voor het onderwijs, in combinatie met partners als sociaal werk. ‘Voor 20% van de jongeren is het huidige onderwijs ongeschikt, daar zitten veel kwetsbare jongeren bij.’ Meer differentiatie en flexibiliteit zijn nodig om voor die kwetsbare groep onderwijs op maat te leveren. Zoals R-Newt in Tilburg dat doet, met een eigen onderwijstraject als onderdeel van de begeleiding van deze jongeren.
De sociaal werkers waren opgetogen over de open houding van de medewerkers van Justitie. ‘Veiligheid, Zorg & Welzijn en gemeenten zijn vaak nog aparte werelden, ook na de decentralisaties. Terwijl we samen zoveel kunnen betekenen voor bijvoorbeeld de LVB’ers, de mensen die gemakshalve “verward” worden genoemd, de jongeren die we soms al vanaf hun elfde kennen en de mensen die één maand de huur niet hebben betaald maar door opgestapelde boetes met torenhoge schulden zitten, die echt niet verdwijnen als ze twee weken in de cel zitten.’
Waarom ik zo blij naar huis ging? Omdat de open houding en het luisterend oor van de VenJ-ambtenaren een vruchtbare basis bleek voor het uitwisselen van ideeën en ervaringen, inclusief  praktische tips en gerichte voorstellen voor ander beleid. Zo lieten de sociaal werkers zien hoe ontzettend belangrijk hun vakmanschap is voor de praktijk én de beleidsontwikkeling. Smaakt naar meer, moeten we vaker doen!
Lees ook het verslag van de bijeenkomst.

Om te reageren dien je eerst in te loggen.

Heb je nog geen profiel? Registreer dan eerst om een nieuw profiel aan te maken.
Organisatie: Sociaal Werk Nederland
Functie: voorzitter
Ik wil delen
Home
Over ons
Sociaal werk in beeld
Thema's
Voor leden
Onze leden in kaartLid wordenContact Inloggen
Ik wil delen:
Sluiten