Nieuwsbericht

'Ontwikkeling VVE kan beter centraal plaatsvinden'

16 februari 2012 | 1 minuut lezen

Het geld voor Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE) kan efficiënter worden besteed door instrumenten landelijk te ontwikkelen en de effectiviteit van vve-programma's beter te onderzoeken. Dat stelt Geert Driessen, onderzoeker aan het Nijmeegse Instituut voor Toegepaste Sociale Wetenschappen (ITS).

Het ITS onderzocht hoe er in de praktijk vorm wordt gegeven aan Voor- en Vroegschoolse Educatie.

De vrijheid die gemeenten en scholen hebben, heeft geleid tot een enorme variatie aan VVE-programma's en lokale aanpassingen ervan, waarvan niet bekend is of ze effectief zijn. Bovendien bepaalt elke gemeente haar eigen doelgroep en de criteria daarvoor zijn niet altijd betrouwbaar.

'Ik ben blij dat dit onderzocht is', stelt Hilde Kalthoff, medewerker van het Nederlands Jeugdinstituut. 'Voor een effectief VVE-aanbod moeten gemeenten en scholen investeren in enkele hoogwaardige VVE-programma's, die voortdurend worden doorontwikkeld en gepaard gaan met coaching op de werkvloer.'

De MOgroep heeft onlangs in een brief aan de minister ook aangedrongen op meer afstemming in de doorgaande lijn tussen peuterspeelzalen en basisscholen. Nu beslissen scholen vaak om andere programma’s te gebruiken dan de gemeente en de peuterspeelzalen hebben gekozen  hetgeen leidt tot onduidelijkheid bij ouders, meer administratie en registratie en afstemming tussen peuterspeelzaal en de basisschool.

 

Lid wordenContact