Blog

Tijd voor een tussensprint

Na jaren in de politiek verbaas ik me niet meer zo snel over het Haagse reilen en zeilen. Maar ere wie ere toekomt: staatssecretaris Van Rijn is het gelukt, met zijn antwoord op de aangenomen motie over de versterking en borging van het vakmanschap van so
Marijke Vos
13 januari 2016 | 2 minuten lezen

Na jaren in de politiek verbaas ik me niet meer zo snel over het Haagse reilen en zeilen. Maar ere wie ere toekomt: staatssecretaris Van Rijn is het gelukt, met zijn antwoord op de aangenomen motie over de versterking en borging van het vakmanschap van sociaal werkers.

Wat is het geval? Anno 2016 wordt breed onderkend dat voor werkelijke innovatie het roer echt om moet. VNG-voorzitter Jan van Zanen onderstreept het onlangs in zijn Nieuwjaarstoespraak. ‘In het sociaal domein zijn we aangekomen in de fase van transformatie,’ stelde hij. ‘Dit jaar moeten we het echt anders gaan doen.’
Landelijk en lokaal zien we bovendien steeds meer mensen (en bedrijven) die zich sterk maken voor een samenleving waarin elkaar helpen en kansen geven normaal is. Kijk naar de vele vrijwilligers die nieuwe vluchtelingen willen helpen. En de opkomst van actieve buurtsupers, of postbodes die meer willen doen dan brieven bezorgen. Let wel: ook bij dergelijke initiatieven is een goede sociale infrastructuur onontbeerlijk. En dus goed en professioneel sociaal werk.

Niet voor niets hebben we in 2015 de sociaal werker in de schijnwerpers gezet als dé expert die de gevraagde verandering stimuleert. Her en der bloeien vernieuwende, inspirerende aanpakken op. Zie bijvoorbeeld Dock in Rotterdam, waar sociaal werker Jenny Zwijnenburg mensen met flinke sociaal-psychische problemen ondersteunt om hun eigen activiteiten te organiseren (‘we laten mensen schitteren’). Of Epigoon in Den Bosch, waar de sociaal werker vrijwilligers ondersteunt bij activiteiten met en door ouderen. Of de stadsboerderij in Wijk bij Duurstede waar sociaal werk en onderwijs samen jongeren met leer- en gedragsproblemen laten floreren.

Ook de Tweede Kamer heeft de waarde van sociaal werk ondertussen op het netvlies. We hebben met succes gelobbyd voor investeringen – eindelijk!- in het vakmanschap van sociaal werkers. Vandaar ook de Kamerbrede steun voor de motie Van Dijk-Bergkamp. Die motie vraagt om het stimuleren van de professionaliseringsslag in het sociaal werk, inclusief borging van dat vakmanschap.
Maar wat antwoordt de staatssecretaris de Kamer in zijn brief? Dat deze motie zal worden meegenomen in de Voortgangsrapportage over de Hervorming van de Langdurige zorg, die voor het zomerreces 2016 aan de Tweede Kamer wordt gestuurd…

Hoezo Langdurige Zorg? Haal je de koekoek. Het gaat hier over versterking van het vakmanschap van het sociaal werk! Als die op de lange baan gaat kunnen we het ook in 2016 wel schudden met de transformatie. Terwijl wij als MOgroep, samen met de beroepsorganisaties (BPSW en BVjong), de vakbonden, de beroepsopleidingen, klaarstaan om die motie direct uit te voeren. We weten wat er nodig is, de plannen liggen allang klaar en er is commitment in het veld. Nu alleen nog extra geld. Sociaal werk is daar altijd erg bescheiden in en doet veel zelf. We vragen nog niet de helft van wat VWS heeft geïnvesteerd in alleen al de Jeugdzorg.

Ik ga ervan uit dat dit lukt. Wij gaan in ieder geval met volle kracht door met de vernieuwingen in het sociaal werk en de versterking en participatie van mensen. Laten we 2016 gebruiken om de slag naar verbetering en vernieuwing te maken. En rap een beetje. Geen kwaad woord over Sven en zijn lange adem, maar laten we nu even een voorbeeld nemen aan Dafne: een stevige sprint is dringend gewenst.

Marijke Vos
januari 2016

Lid wordenContact