Nieuwsbericht

’Ouderenzorg zit op doodlopende weg’

16 april 2018 | 2 minuten lezen

Het beleid om ouderen zo lang mogelijk thuis te laten wonen werkt niet, stelt Hans Buijing van branchevereniging BTN, in een uitgebreid artikel in de NRC. En de minister komt niet met de juiste oplossingen.

Buijing’s voornaamste bewaar: de minister komt met oplossingen voor een systeem van ouderenzorg dat niet goed werkt in plaats van het systeem aanpakken. „Er zijn ingrijpende wijzigingen nodig in de manier waarop de ouderenzorg is georganiseerd. De alarmbellen gaan al een aantal jaren af, maar in plaats van nadenken hoe we de zorg radicaal anders kunnen organiseren voor de toekomst, gaan we pleisters plakken op een bestaande structuur.”

Doodlopende weg
Buijing stelt dat de ouderenzorg „op een doodlopende weg zit”. Het beleid om ouderen zo lang mogelijk thuis te laten wonen werkt niet, als ouderen door te weinig hulp sneller in de problemen komen en ze daardoor te snel een beroep moeten doen op zware en dus duurdere zorg. „We hebben het over een grote groep kwetsbare mensen. Met een beetje ondersteuning kunnen die nog lang thuis blijven wonen. Maar gemeenten zijn heel terughoudend geworden met huishoudelijke hulp en sociaal contact bieden. Er komt bijna niemand meer om te kijken of het wel goed gaat. Of mensen genoeg eten en drinken, of ze hun medicijnen goed innemen.”
Er gaat nu 2,1 miljard euro naar de verpleeghuizen. Daar zit slechts 7 procent van de kwetsbare ouderen.

Te zware en dure zorg
Ruim tien jaar geleden werd het aantal verzorgingshuizen sterk teruggebracht. Ouderen moesten langer thuis blijven wonen. De hulp voor die thuiswonende oudere werd via de Wet maatschappelijke ondersteuning verschoven naar de gemeenten, die sinds een grote decentraliseringsoperatie in 2015 de verantwoordelijkheid hebben. Als de oudere meer medische hulp thuis nodig heeft van wijkverpleegkundigen, verschuift die verantwoordelijkheid naar de zorgverzekeraars. En als er echt zware verpleegzorg thuis nodig is of opname in een verpleeghuis, draait via de Wet langdurige zorg het Rijk er voor op.

Juist die drie ‘systeemschotten’ leiden tot grote problemen, stelt Buijing. „Iedereen schuift die kwetsbare ouderen zo snel mogelijk van zijn bordje af. Gemeenten duwen de problemen door naar de zorgverzekeraars, en doen dan net alsof mensen uit hun plaats verhuisd zijn. Verzekeraars willen de mensen zo snel mogelijk in de Wet langdurige zorg hebben, omdat zij er dan geen verlies op lijden. Binnen de kortste keren krijgen mensen zo veel te zware en dus te dure zorg.”

Fatsoenlijke tarieven
Of gemeenten geleerd hebben van de eerste ervaringen, betwijfelt Buijing. „De vorige staatssecretaris Martin van Rijn heeft vorig jaar gemeenten opgedragen fatsoenlijke tarieven te betalen. Gemeenten negeren dat massaal. Zij zijn door het Rijk in het pak genaaid met de decentralisatie. Maar de ouderen die bij gemeenten aankloppen en geen of te weinig hulp krijgen zitten met de gebakken peren.”

Meer preventie
Samen met partners waarschuwde Sociaal Werk Nederland het kabinet al eerder in een brief dat er niet alleen extra geld moet naar de verpleeghuiszorg maar zeker ook naar de ouderen die de gang naar het verpleeghuis juist proberen uit te stellen. Die leidde mede tot een motie van Tweede Kamerlid Vera Bergkamp. Minder dure zorg vraagt om meer investeren in preventie en sociaal werk.

Lees het hele artikel in de NRC

Lid wordenContact