Nieuwsbericht

Verkiezingsprogramma's: wat zeggen ze over het sociaal domein en het sociaal werk in het bijzonder

21 november 2016 | 6 minuten lezen

Politieke partijen over het sociaal domein

Inmiddels hebben alle politieke partijen hun (voorlopige) verkiezingsprogramma’s voor de Tweede Kamerverkiezing van 2017 bekend gemaakt. Sociaal Werk Nederland heeft alles voor u op een rij gezet, voor zover relevant voor het sociaal domein en het sociaal werk in bijzonder. Wat willen politieke partijen met sociaal werk, met vrijwilligers(werk), buurtvoorzieningen, kindvoorzieningen, schuldenproblematiek en vluchtelingen?  

Sociaal Werk Nederland heeft op 14 april (zie bijlage) 10 oproepen verstuurd aan hoofdbesturen en programmacommissies van de landelijke politieke partijen voor hun partijprogramma voor de verkiezingen. Met SP, PvdA en GroenLinks heeft Sociaal Werk Nederland vervolgens gesprekken gevoerd. Met CDA is telefonisch nog aanvullend contact geweest, met de overige partijen mailcontact.

Onze oproep over schulden vinden we vrijwel één-op-één terug bij de SP, maar ook andere partijen zoals CDA en GroenLinks gaan uitgebreid in op de schuldenproblematiek. D66 en PvdA gaan voor preventie. 

Vrijwel alle politieke partijen komen met concrete verbeteringsvoorstellen voor vrijwilligers(werk), in lijn met de oproep van Sociaal Werk Nederland in termen van vergoedingen en het afschaffen van regels. Ook onze oproep voor kleinschalige en in de buurt geïntegreerde opvang van vluchtelingen vindt weerklank. 

Sociaal Werk Nederland heeft de politiek opgeroepen een basisvoorziening (een ontwikkelrecht zoals de SER voorstelt) te realiseren voor alle kinderen van 2-4 jaar. De PvdA, D66, SP en GroenLinks zijn duidelijk voorstanders daarvan.

Zie de bijlage voor een verkorte samenvatting én een uitgebreide versie van alle verkiezingsprogramma's in relatie tot het sociaal domein. 

Partijen over Buurtvoorzieningen
Als het aan de PvdA ligt komen er 100.000 nieuwe banen als conciërges en assistenten op scholen, toezichthouders in bus en tram, ter ondersteuning van sport- en cultuurverenigingen en voor het schoonhouden van de openbare ruimte. De PvdA wil dat er meer geld gaat naar gemengde en brede scholen, naar sport, cultuur en verenigingen en naar wijkvoorzieningen als bibliotheken.

De VVD moedigt de ontwikkeling van buurtpreventie aan, zoals buurtapps en burgerfora.
Het CDA wil ook dat burgers en verenigingen het recht krijgen om de uitvoering van een collectieve voorziening van de overheid over te nemen. Dit kan om van alles gaan: het onderhoud van een park in de wijk, het beheer van sportvelden door de club of de zorg voor ouderen. Met een zogeheten right to challenge (recht om uit te dagen) krijgen burgers het recht om bij hun gemeente een alternatief voorstel op tafel te leggen.

De SP wil starten met een duurzaam wijkenbeleid, waarbij gemeenten meer ruimte krijgen om veilige en leefbare wijken in te richten en deze ook goed te onderhouden. Woningcorporaties mogen meer investeren in de leefbaarheid van de buurt, onder meer door overlast tegen te gaan (bijvoorbeeld door het aanstellen van huismeesters).

GroenLinks wil dat de overheid afspraken maakt met gemeenten om investeringen in cultuurcentra, ateliers en kunstexperimenten te bestemmen voor kwetsbare wijken. Dat verhoogt de dynamiek en aantrekkingskracht van deze wijken.

DENK is voorstander van een investeringsfonds voor de wijkeconomie, waarin bedrijfjes op wijkniveau krediet kunnen krijgen. Ook zijn zij vóór het ondersteunen van bewonersinitiatieven die wijken groener maken en vóór het invoeren van een wettelijke groen- en speelruimtenorm, als percentage van de openbare ruimte.

Politieke plannen mbt Schulden en Armoede
De PvdA wil meer geld voor armoedebestrijding, terwijl D66 de oplossing ziet in het minder stimuleren van schulden. CU investeert eveneens in preventie.

Het CDA wil om de toegang tot sport en cultuur voor ieder kind mogelijk te maken, in iedere gemeente een jeugdsport- of jeugdcultuurfonds in het leven roepen. CDA zet in op betere schuldhulpverlening, zodat mensen die in de schulden raken er sneller weer uitkomen en ook uit de schulden blijven. Daarnaast stimuleren ze basisbudgetbeheer, dat ervoor zorgt dat alle vaste lasten – zoals huur, zorgverzekering en gas, water en licht – op voorhand al wordt ingehouden op iemands uitkering. Zo wordt voorkomen dat met de rekeningen de problemen opstapelen en huisuitzetting dreigt. Tot slot is het volgens het CDA voor deze kinderen belangrijk dat ze wel volop kunnen meedoen met sporten, op muziekles of naar de bibliotheek kunnen en mee kunnen met schoolreisjes. Dat is mogelijk door deze voorzieningen als inkomensondersteuning in natura aan te bieden. Om de toegang tot sport en cultuur voor ieder kind mogelijk te maken, wil het CDA dat er in iedere gemeente een jeugdsport- of jeugdcultuurfonds in het leven wordt geroepen. Zij kunnen ouders voor wie het lidmaatschap te duur is gericht ondersteunen.

GroenLinks pleit voor vereenvoudiging van het toeslagen- en belastingstelsel en meer focus op het aanpakken van inkomensongelijkheid en armoede. Er komen kwijtscheldingsregelingen voor mensen met zeer problematische schulden. Om armoede bij kinderen te bestrijden worden de kindregelingen en toeslagen gericht op gezinnen met kinderen in armoede. Vereenvoudiging van het het stelsel. De kinderbijslag wordt inkomensafhankelijk en wordt samengevoegd tot één regeling met het kindgebonden budget, zodat kinderen niet meer in armoede hoeven op te groeien.

De SP komt met een landelijk aanvalsplan om armoede te bestrijden. Hierover heeft Sociaal Werk Nederland u eerder bericht. Wij zijn hierover door de SP geconsulteerd. Gemeenten moeten in de ogen van de SP ook meer regie kunnen voeren om mensen uit de schulden te krijgen, om te voorkomen dat de Belastingdienst of andere diensten het schuldhulptraject frustreren.

DENK is een voorstander van een keiharde bestrijding van kinderarmoede. Verder pleiten zij voor gratis fietsen voor kinderen in armoede, het beter bereiken van mensen met schulden die niet bekend zijn bij gemeenten, door vroegsignalering door gemeenten en organisaties te ondersteunen, het vergroten van de expertise over de oorzaken van schulden bij gemeenten en organisaties. En niet onbelangrijk, zij pleiten voor het reserveren van meer middelen voor het armoede- en schuldenbeleid.

Partijen over Vrijwilligers(werk)
CDA, GroenLinks, SP en CU hebben de meest uitgesproken ideeën over vrijwilligers(werk).

Het CDA wil een dienstplicht voor alle jongeren. Juist omdat het belang van een sterke samenleving geen vanzelfsprekendheid meer is, willen zij een extra inzet om jongeren actief te betrekken bij de samenleving. Daarom willen ze toe naar een nieuwe dienstplicht. Dat kan bij Defensie, maar ook in de zorg, bij de politie of andere maatschappelijke organisaties. CDA pleit voorts voor het ondersteunen van vrijwilligers door onnodige regels te schrappen en voor het versoepelen van regels voor onkostenvergoeding van vrijwilligerswerk. Het CDA pleit voor een vrijstelling van de sollicitatieplicht voor werkzoekenden boven de 60 die structureel en gedurende meerdere dagen per week vrijwilligerswerk doen of mantelzorg bieden.

GroenLinks wil de tegenprestatie in de bijstand afschaffen. Waardering van mantelzorg en vrijwilligerswerk als gelijkwaardige vormen van participatie. De onbelaste vrijwilligersvergoeding gaat omhoog. Financiële drempels zoals de kostendelersnorm mogen geen belemmering zijn om voor elkaar te zorgen. Er komt geen mantelzorgboete in de AOW.

De SP vindt dat werk volwaardig moet worden beloond. Vrijwilligerswerk blijft altijd vrijwillig; regulier werk wordt altijd betaald. Zij willen stoppen met de verplichte ‘tegenprestatie’ in de bijstand en met werken zonder loon.

De CU is voorstander van de invoering van een maatschappelijke dienstplicht voor iedereen die 18 wordt.

Bij 50 plus blijven vrijwilligersvergoedingen blijven tot een maximumbedrag onbelast. Geen onnodige regelgeving voor vrijwilligers en vrijwilligerswerk. Verklaring omtrent gedrag (VOG) ten behoeve van vrijwilligerswerk is gratis aan te vragen.Er komt extra aandacht voor preventie bij ouderen. Er komt een programma om ouderen meer en langer te laten bewegen. Zowel in het basis- als in het voortgezet onderwijs voor alle leerlingen minimaal vijf uren per week sport, zwemmen en gymnastiek.Mantelzorgondersteuning gaat deel uitmaken van een gemeentelijk basispakket. Dit maakt een einde aan te grote verschillen per gemeente. Met alle mogelijke middelen moet eenzaamheid bestreden worden, uiteraard met respect voor eigen keuzes van mensen.

Partijen over Peutervoorzieningen en Kinderopvang
PvdA, D66, SP en GroenLinks zijn overduidelijk voorstander van kinderopvang als basisvoorziening. De PvdA wil het SER-advies opvolgen: alle kinderen tussen 2 en 4 jaar krijgen een opvangaanbod van minimaal 16 uur per week. PvdA zet ook een stip op de horizon: naar één voorziening voor onderwijs en opvang van kinderen tussen 0 en 12 jaar, waarbij het niet uitmaakt of ouders werken.

De VVD ziet VVE als oplossing voor taalachterstanden en beschouwt daarnaast de kinderopvang als een arbeidsparticipatie-instrument.

Het CDA en de SP willen dagdelen opvang beschikbaar stellen voor 2-4 jarigen. De SP wil een recht op gratis vier dagdelen kinderopvang voor 2-4 jaar met een betere samenwerking komen tussen onderwijs en kinderopvang. Van het CDA mogen de openingstijden van de kinderopvang verruimd worden en de aansluiting tussen school en bso moet beter. Kinderen tussen 2 en 4 jaar krijgen recht op een aantal dagdelen, met de mogelijkheid voor aanvullende opvang als ouders dat willen. D66 wil een brede basisvoorziening voor alle kinderen, beginnend bij vier dagdelen per week. De partij wil dat deze ‘brede buurtscholen’ niet alleen onderwijs bieden, maar ook aandacht besteden aan sport, cultuur, creativiteit, techniek, natuur en duurzaamheid. Vanaf 2021 moet elk kind op zo’n brede buurtschool terecht kunnen.

GroenLinks ziet kinderopvang als een publieke voorziening die gratis toegankelijk is voor alle jonge kinderen. Elk jong kind krijgt een ‘ontwikkelrecht’ (kinderopvangcentra zonder winstoogmerk). GroenLinks is ook voorstander van brede scholen. Scholen en kinderopvang worden wettelijk en financieel gestimuleerd om samen te werken of een IKC te vormen.

Partijen over Vluchtelingen, inburgeren
De PvdA pleit voor aanpassing van de grootte van een asielzoekerscentrum  aan de omvang van dorp of stad.

D66 wil dat vluchtelingen vanaf de eerste dag taalles en kans op werk krijgen.

GroenLinks pleit er net als D66 voor dat asielzoekers meteen na aankomst toegang tot taalonderwijs krijgen en mogen werken. De overheid zorgt voor taalonderwijs ten behoeve van de inburgering van migranten. Dit taalonderwijs is gericht op participatie, via scholing, een eigen bedrijf of werk.

De SP laat het taal- en inburgeringsonderwijs niet over aan de markt. Dit onderwijs wordt laagdrempelig, gratis en toegankelijk georganiseerd, in de buurt, op scholen en op het werk. Ook komt er extra taalonderwijs bij de publieke omroep, via tv, radio en internet.

De SGP wil dat de overheid ervoor zorgt dat initiatieven voor zinvolle dagbesteding in noodopvang en asielzoekerscentra voldoende ruimte krijgen, zeker naarmate de kans stijgt dat asielzoekers in Nederland mogen blijven.

Lid wordenContact