Wat doen we met de rijken?

“De meeste samenlevingen worden economisch gedomineerd door een kleine elite. Evenzo worden natuurlijke gemeenschappen vaak gedomineerd door een klein deel van de soorten. Naar schatting bezit 1% van de wereldbevolking de helft van het kapitaal. In de Amazone zit de helft van alle biomassa in 1% van de boomsoorten. Ons werk laat zien dat dit geen toeval is,” aldus Marten Scheffer, hoogleraar ecologie in Wageningen. Een interessant citaat, zeker voor iemand als ik, die in Wageningen heeft gestudeerd.

Veel kranten namen het bericht over. Vaak met de strekking “dat rijken steeds rijker worden is dus onvermijdelijk.” Scheffer zelf nuanceerde dat onmiddellijk: “Het zijn natuurwetten die de vermogensongelijkheid in de samenleving opstuwen. Tenzij de samenleving tegenwicht biedt, bijvoorbeeld door belastingwetten.”

Even later meldde het jongste SCP-rapport dat ook in Nederland de allerrijksten steeds rijker worden. Maar dat niet alleen: 85% van de Nederlanders noemt zich gelukkig en welvarend. Vergeleken met 1990 zijn we gezonder, worden we ouder, hebben we meer te besteden, zijn er meer mensen aan het werk, zijn onze woningen beter en is de criminaliteit lager. Bovendien is de tolerantie jegens inwoners met een andere nationaliteit gegroeid en steunt 80% de opvang van vluchtelingen, al vindt de meerderheid dat het er niet meer moeten worden.

De keerzijde: 2,5 miljoen(!) landgenoten raken steeds verder achterop. En dat is niet zozeer een tweedeling tussen haves en havenots, maar tussen “cans en cannots”; grofweg de tussen hoog- en laagopgeleiden. Dat betoogde SCP-directeur Kim Putters onlangs op onze Gouden Gemeentenbijeenkomst. Die 2,5 miljoen Nederlanders staan in de overleef-stand en bezien de overheid wantrouwend. Het zijn mensen met een klein netwerk, chronische financiële zorgen en weinig hoop op verbetering. Hoogste tijd voor een nieuw sociaal contract, concludeerde hij.

Ook VNG-directeur Jantine Kriens is bezorgd over die groep mensen en over de groeiende druk op wat zij “het sociale weefsel” noemt. Ze pleitte er tijdens diezelfde bijeenkomst voor om voortaan te denken in termen van de kracht van mensen, niet in termen van problemen. En inderdaad: of je het nu hebt over een sociaal contract, het sociale weefsel of -zoals wij- over een solide sociale basis: het gaat om adequate ondersteuning van die 2,5 miljoen Nederlanders die in de verkeerde lijstjes steevast onderaan staan. Het gaat om het vrijspelen van hún sociale kapitaal dat nu ligt te verkommeren.

In onze 21 Gouden Gemeenten wordt daar concreet aan gewerkt. In Wageningen stellen ze de zeggenschap van burgers nu centraal: men experimenteert met “circulair begroten”: voorinvesteringen doen in mensen die zich later terugverdienen.
In Deventer is positieve gezondheid de leidraad; nu al merken ze dat dicht bij mensen staan en handelen vanzelf maatschappelijke winst én geld oplevert. Alphen aan den Rijn investeert in inwonersadviesraden, in leertafels van inwoners, bestuurders, raadsleden.

Dat alles stemt me hoopvol. Nogmaals: het is mooi dat zoveel Nederlanders optimistisch zijn over de samenleving en hun eigen leven. Het sociaal weefsel heeft hun vitaliteit nodig om de cans en cannots te verbinden. Met steun van het sociaal werk, gemeenten en andere professionals.
2018 wordt wat mij betreft het jaar van de sociale basis en de inclusieve samenleving. De gemeenteraadsverkiezingen bieden een mooie gelegenheid om het gesprek hierover volop te voeren. Wie gaat stemmen kan tegenwicht bieden aan de wetten van de jungle.

558
Om te reageren dien je eerst in te loggen.

Heb je nog geen profiel? Registreer dan eerst om een nieuw profiel aan te maken.
Ik wil delen
Home
Wie we zijn
Wat doen we
Actueel
Thema'sVraag & AntwoordPoll Inloggen
Ik wil delen:
Sluiten