Vve en het eeuwige misverstand

Het is een hardnekkige misvatting van sommige opiniemakers: vve-peuters zijn kinderen met een taalachterstand die vanuit hun afbrokkelende wijken dagelijks naar een apart peuterklasje worden gedreven. Door het vve-stempel zijn ze voor het leven getekend en voorbestemd tot een bestaan op ruime afstand van de arbeidsmarkt en de rest van de wereld. Uit onderzoek zou immers blijken dat het hele vve-circus weliswaar miljoenen kost maar niet doet waarvoor het is opgetuigd?

In de Volkskrant van 25 februari houdt Aleid Truijens die misvatting hardnekkig overeind. En ja: over de effectiviteit van vve is inderdaad regelmatig discussie, maar de laatste onderzoeken van de Onderwijsinspectie laten onomwonden zien dat er grote vooruitgang wordt geboekt in vve-groepen.

En als Aleid Truijens eens het land in zou gaan, zou ze zien dat de meeste vve-peuters in gemengde groepen zitten, in peuterspeelzalen en peuteropvanggroepen, tussen kinderen van verschillende komaf, met hoog- en laagopgeleide ouders, wit en zwart. Dat er gemeenteraden zijn, zoals in Leiden, die unaniem het belang van goed peuterwerk onderstrepen. Dat professionele peuterleiders zijn getraind om vroegtijdig te signaleren dat een peuter een extra steuntje in de rug kan gebruiken en dat ze ouders vertellen hoe zij daar thuis bij kunnen helpen. Dat er in gemeenten gemiddeld 10% van de peuters dankzij vve in de peutergroep én thuis extra kunnen oefenen met spelend leren.
En ja: dat het een gemiddelde is betekent dat er ook wijken zijn waar méér dan 10% van de peuters extra aandacht krijgt. Dat zijn, niet toevallig, ook wijken waar maar weinig kinderen naar de kinderopvang gaan.

Neem Kanaleneiland in Utrecht. Daar is alleen een peuterspeelzaal in de brede school, voor kinderopvang moet je elders in Utrecht zijn. Beste Aleid en andere opiniemakers: ga eens met ons meer naar zo’n peuterspeelzaal die zo nodig ook vve verzorgt. Vraag ouders eens naar hun ervaringen. Hoe ze het vinden dat hun peuter (al dan niet met een achterstand) daar vier dagdelen per week terecht kan…
Wij weten het antwoord. Ook deze ouders willen namelijk dat hun kind zich zo goed mogelijk ontplooit en goed voorbereid aan de basisschool begint. Daarom hebben peuterspeelzalen met en zonder vve al jaren een bezettingsgraad van 85%-90%!
Daarom vinden we het belangrijk om juist méér in peuterwerk te investeren. Daarin staan we trouwens niet alleen, dat vindt bijvoorbeeld ook de SER in haar rapport Gelijk goed van start.

Dat vraagt van ouders een open blik en van de Nederlandse overheid een moedig besluit om van opvangvoorzieningen een basisvoorziening te maken, waar alle kinderen vanaf twee jaar welkom zijn, mét en zónder achterstand of voorsprong.

Marijke Vos

Lees ook "Kinderen maken dankbaar gebruik van vve", de reactie van jeugdarts Rosanne van der Lugt op de column van Truijens, die in de Volkskrant van 6 maart is geplaatst als Brief van de Dag!

Home
Wie zijn we
Wat doen we
Actueel
Thema'sVraag & AntwoordPoll Inloggen
Ik wil delen:
Sluiten